Category: Nieuws

England under the spell of a sustainable Dutch entrepreneur

A bit nervous was entrepreneur Robert Milder when he presented his durable, circular furniture of plastic waste to a five-member jury of top entrepreneurs in the British TV program Dragons' Den. More than 3 million British watched the show were Robert spoke about his concept in the hope that one of the entrepreneurs would invest in it. And with success. The jury was so impressed by his concept, that four out of five entrepreneurs put a ready-made offer on the table.

 

Practical solution for a worldwide problem
Robert is CEO at Van de Sant Innovations in Emmen. The company specializes in furniture making and is involved in the development of furniture from stray plastic. Robert: "A few years ago I was on vacation on one of the Caribbean islands and while I was lying on the beach and looking around I saw plastic everywhere. I thought it was terrible and that was the time for me to do something about it. "
The period afterwards Robert worked on making furniture based on stray plastic. Robert: "The first year I started with the idea, I was mainly busy developing the product in such a way that it met all standards. I make design furniture and it is important that in addition to being strong and good, it is also sexy and elegant. "A year later there was a furniture line that met. And then it went pretty quickly. Robert: "You notice that society is working on it. Stray plastic and plastic soup are current topics. For example, at the end of 2018 the EU passed a law to ban single-use plasic in Europe by 2021 and everywhere people are trying to find ways to clean up and prevent stray rubbish. The concept of design furniture from stray plastic fits in well with that. "

 

Recognition and exposure
Robert asked for an amount of around £ 70,000, about 80,000 euros and in return he promised the jury 15% share in the company. All four jurors offered this amount, and there was even a discussion about who could offer something extra. However, there was only one where Robert had a good feeling about and who was satisfied with the proposed 15% share in the company. After a brief consideration, Robert chose her. It concerns the multimillionaire Deborah Meaden. A successful British entrepreneur. Robert: "We already have contact via email and telephone. Soon we will arrange a meeting with her to look at our business strategy and marketing. In that sense, we were not concerned about the money, but about the recognition and exposure that we have now received in the UK. That is of course great and offers us new opportunities in the Netherlands too. " Curious about the episode? Watch it here.

 

Categories: News

Dutch entrepreneur pitches for millions of English people

Sunday, January 13 is the moment of truth for Robert Milder. Then this Dutch founder and CEO of Van de Sant Innovations from Emmen enters the den of dragons, or rather Dragons Den. This successful TV show on BBC Two has been a favorite program in England for years with an average of 3 million viewers per episode. The program offers entrepreneurs the opportunity to realize their dream by pitching their plans to a five-member jury of top entrepreneurs. The best ideas are rewarded with a hefty financial injection. Pitching Robert does almost every day, but does he know how to convince the five "Dragons" of the need for durable furniture that prevents plastic waste, or does it also become a Brexit for him?

 

Stray plastic as raw material
The world is changing rapidly. Five years ago, plastic was still a highly appreciated packaging material, but now it is at the center of the global debate about the harmful effects in nature and especially in our oceans. The condition of the oceans in 2019 has never been so bad. Animals and plants are seriously threatened. To halt the amount of stray plastics, the European Union adopted a law by the end of 2018 that bans the use of disposable plastic by 2021, and global brandowners also openly publish their strategies to halt the use of disposable plastic and encourage recycling.
But shutting down the tap is only part of the solution. What to do with the 150 million tons of plastic waste that is already floating in the ocean? Van de Sant Innovations has developed a circular earnings model that uses both land and ocean stray plastic as a raw material for high-quality products, such as design furniture.

 

Circular production
Wood and textile elements are replaced by stray plastics, making Van de Sant Innovations furniture consist of 75 to even 90 percent circular plastic. This makes their products extremely suitable for re-manufacturing, so that the material can be used again and again and no materials are lost. It is clear that this method of circular production works. The Dutch company has built up an impressive track record in a short time with customers and partners such as National Geographic, US Government and the United Nations.

 

Making an impact
Van der Sant has the ambition to implement product innovations with new production techniques and blockchain technology, to expand the capacity and to make an even greater impact in solving the problem of stray plastics. The pitch in the English program offers opportunities to accelerate that ambition. Robert: "With our participation in Dragons Den we hope to take this next step. But whatever happens on Sunday after my pitch, I will continue my journey, just like people like Boyan Slat, to leave the world a bit cleaner for the many generations that follow."

 

Company with a mission
Van de Sant Innovations is a company with a mission. With its innovative production processes, the company hopes to turn the furniture industry upside down and to make an important contribution to stopping deforestation and plastic pollution. See the video below.

 

Categories: News

BioBTX en Teijin Aramid verkennen duurzame grondstof voor supervezel

Het Japanse bedrijf Teijin Aramid en het Nederlandse BioBTX werken aan een kunstvezel, die volledig is geproduceerd uit duurzame materialen. Het onderzoeksproject, dat op het puntstaat te beginnen, wordt financieel ondersteund door de provincies Drenthe, Groningen en door Chemport Europe. Teijin Aramid heeft onder meer vestigingen in Emmen en Delfzijl. Het initiatief draagt bij aan de vergroening van de industrie. Ook versterkt het de positie van het Noord-Nederlandse chemiecluster, ook welbekend onder de naam Chemport Europe. 

In Nederland worden onder de merknaam Twaron® supersterke vezels geproduceerd door Teijin Aramid. Het bedrijf is in Nederland onder andere gevestigd in Delfzijl en Emmen. De vezels worden wereldwijd toegepast in producten die sterker, lichter en duurzamer moeten zijn. Bijvoorbeeld in autobanden, luchtvrachtcontainers en beschermende kleding. Twaron® wordt momenteel gemaakt uit fossiele grondstoffen, waar nu nog geen duurzaam alternatief voor is. 
Teijin Aramid wil onderzoeken of het mogelijk is om van hun Twaron® vezel een zogeheten ‘biobased’ versie te produceren. Sitemanager Edward Groen: “Duurzaamheid is een belangrijk onderwerp voor ons. We richten ons op verduurzaming van de keten door de toepassing van onze producten met een lichter gewicht en een langere levensduur maar willen ook de CO2-uitstoot van onze productie terugdringen. We focussen ons daar op de verlaging en verduurzaming van energiestromen. Daarnaast verkennen we ook de mogelijkheden om onze grondstoffen te vergroenen. Fantastisch om samen met een partner uit Groningen deze verkenning uit te voeren.”


BioBTX

Voor het gebruik van groene grondstof werkt Teijin Aramid samen met het Groningse bedrijf BioBTX. Dit bedrijf heeft een duurzame technologie ontwikkeld die hernieuwbare grondstoffen, zoals biomassa en restproducten, kan omzetten naar chemische grondstoffen, met name benzeen, tolueen en xyleen (BTX). Met de technologie van BioBTX is het mogelijk deze zogeheten aromaten op een duurzame manier te produceren en zo een aanzienlijke verlaging van CO2-uitstoot te bereiken. Onlangs heeft BioBTX een proeffabriek voor de productie van aromaten geopend op de Zernike Campus in Groningen. Op basis van deze aromaten maakt het Groninger chemiebedrijf Syncom specifieke bouwstenen. In het Research Centrum van Teijin Aramid in Arnhem worden vervolgens het polymeer en het garen gemaakt op basis van de processen in Delfzijl en Emmen.  Directeur Pieter Imhof van BioBTX reageert enthousiast. “We hebben al eerder laten zien dat het technisch gezien mogelijk is bio-gebaseerde BTX en polyester te maken. Via dit traject met het gerenommeerde Teijin Aramid willen we nu ook aantonen dat het prima als grondstof kan dienen voor hoogwaardige toepassingen, waaraan strenge kwaliteitseisen worden gesteld”! 

Innovatie en banen 
Gedeputeerden Henk Brink van de provincie Drenthe en Patrick Brouns van de provincie Groningen zijn verheugd met dit initiatief. Brink geeft aan dat dit een mooie innovatie is voor de regio. “Teijin Aramid is natuurlijk een wereldspeler met Twaron® en heeft alleen al in het Noorden bijna 1.000 mensen in dienst. Mocht deze biovariant inderdaad succesvol geïmplementeerd worden, dan is dat goed voor ons milieu en de werkgelegenheid. Dit project is een eerste aanzet daartoe”. Gedeputeerde Patrick Brouns laat weten dat hij zich verheugt op de kansen voor nieuwe banen die dergelijke initiatieven met zich meebrengen en de  verduurzaming die hiermee gepaard gaat. “We kunnen niet langer onze ogen sluiten. Ons klimaat staat onder druk en we zullen met ons allen moeten werken aan het terugdringen van de CO2-uitstoot. Het is goed te zien dat de chemische industrie haar verantwoordelijkheid neemt”.

Chemport Europe.
Met  het initiatief van Tejin Aramid en BioBTX wordt ook de positie van Chemport Europe verder versterkt. Projectmanager Errit Bekkering van Chemport Europe stelt: “Noord-Nederland is inmiddels een belangrijke  groene chemieregio, ook internationaal gezien. Dit samenwerkingsproject tussen Teijin Aramid en BioBTX is daar een prachtige bevestiging van”. Ook is hij positief over de ondersteuning door de provincies Drenthe én Groningen. Teijin Aramid heeft vestigingen in Delfzijl en in Emmen. Bij een succesvol verloop van deze proef zullen beide vestigingen profiteren. “Het is dan ook goed om te zien dat dit herkend wordt door beide provinciale besturen”, aldus Bekkering. Ook Groen en Imhof zijn de provincies en Chemport Europe erkentelijk. “Zonder deze financiële steun hadden we dit initiatief waarschijnlijk niet van de grond gekregen”, aldus beide ondernemers.

Categories: News

Aftermovie Behind the scenes @Emmen van de VNCI online

Op vrijdag 5 oktober 2018 was de Koninklijke VNCI in Emmen om te laten zien hoe Chemical Cluster Emmen hard werkt aan innovatie & duurzaamheid. De nadruk lag op de chemische industrie van kunststoffen, vezels, garens en composieten. Chemical Cluster Emmen nam de deelnemers mee op reis en liet zien dat het hier al volop gebeurt. Zo waren er bedrijfsbezoeken bij Morssinkhof Plastics, Senbis, Cumapol en Emmtec lab en hield Teijin Aramid een presentatie over het verduurzamen van hun ketens.

 

Het middagprogramma stond in het teken van kennisdeling met het MBO en HBO. DC Tech van Drenthe College en Green PAC van NHL Stenden liet zien dat de samenwerking tussen ondernemers en onderwijs hier erg goed werkt en bijdraagt aan innovatie en verduurzaming. Het programma werd afgesloten bij WILDLANDS waar de deelnemers konden dineren en netwerken.

 

Bekijk de aftermovie:

Categories: News

Green PAC: vliegwiel voor de regionale economie

Als hotspot voor chemische innovatie in Noordoost-Nederland met een focus op biobased en circulaire materialen heeft Green PAC, initiatief van Windesheim en NHL Stenden, in vijf jaar tijd meer dan 70 MKB-ers bij projecten betrokken. Hiermee laat Green PAC zien dat ze bijdraagt aan het behouden, versterken en vergroten van de chemiesector in dit deel van het land.

 

Hotspot voor chemische ontwikkeling
De regio Noordoost-Nederland heeft van oudsher een sterke maakindustrie met nadruk op kunststoffen. Directeur Rob Voncken: “Wat we zien sinds de oprichting van Green PAC is dat we bijdragen aan het regionaal innovatievermogen. En dat draagt bij aan meer werkgelegenheid, een gunstiger vestigingsklimaat, nieuwe producten en samenwerking.”

En ook Den Haag vindt dat belangrijk. Bij de oprichting kreeg Green PAC de officiële labels van Center of Expertise, iLab en COCI opgespeld. Labels die in het leven zijn geroepen om nieuwe bedrijvigheid te creëren, bestaande bedrijvigheid te vergroten, innovatie te bevorderen en samenwerking tussen kennisinstellingen en ondernemers te versterken. Voncken: “En juist die labels maken Green PAC een sterk initiatief.”

 

Dat vindt ook iLab business developer Bastian Coes. “Met het iLab label binnen Green PAC maken we innovatie mogelijk voor startende ondernemers. We bieden inhoudelijke ondersteuning bij het opzetten van een onderneming, hebben testlocaties en R&D faciliteiten die ze kunnen gebruiken én bieden geschikte bedrijfsruimte. En dat alles tegen zeer gunstige voorwaarden. Met dit pakket maken we de drempel zo laag mogelijk voor startende ondernemers om aan de slag te gaan in de chemie met de nadruk op kunststoffen.”

 

Investeren in kennis en Human Capital

Dat Green PAC succesvol is blijkt wel uit het aantal onderzoeksprojecten en het aantal gestarte iLab-ondernemers. Coes: “In de periode dat we bestaan, nu vijf jaar, hebben we ruim 35 ondernemers begeleid. Dat is veel. Het zit hem in de formule die we gebruiken. We zetten de ondernemer centraal en niet het product dat hij of zij wil maken. Daarnaast kunnen we specifieke vragen neerleggen bij de kunststof lectoraten van Windesheim en NHL Stenden met als extra voordeel dat kennis wordt gedeeld met het bedrijfsleven en er visa versa nieuwe inzichten terugvloeien in het onderwijs. Die werkwijze kan er voor zorgen dat een ondernemer bij ons binnenkomt met een idee voor een bepaald product, maar er gaande weg achter komt dat dat product iets heel anders moet worden. En juist die aanpak maakt dat we daadwerkelijk investeren in Human Capital, met als gevolg dat het aantal succesvolle start-ups hoger ligt dan gemiddeld.”

 

Van fietspad tot bureauoplossing

Green PAC is vraaggestuurd. Voncken: “Het bestaansrecht van Green PAC vindt zijn basis in actuele vraagstukken vanuit het bedrijfsleven. Daar is ons businessmodel op gestoeld. Enerzijds werken we met het iLab op basis van de behoeften en vragen vanuit startende ondernemers. Anderzijds werken we met de kunststoflectoraten van Windesheim en NHL Stenden aan verschillende onderzoeksprojecten op basis van actuele vragen uit het bedrijfsleven.”

Deze onderzoeksprojecten worden uitgevoerd door een consortium van bedrijven (vaak MKB-ers) en partners. Het gaat om projecten waarin nieuwe technieken en innovatie een belangrijke rol spelen in combinatie met duurzaamheid en/of biobased en circulaire oplossingen. Zo heeft Green PAC bijvoorbeeld meegewerkt aan een project om fietspaden te maken van biocomposiet met een lagere CO2 voetprint dan de traditionele fietspaden. Maar ook aan een bureauoplossing die circulair te verwerken is en bijdraagt aan een duurzamere en schonere manier van produceren. Kortom projecten die impact hebben op de veranderende economie en die bijdragen aan het verstevigen van de concurrentiepositie van de bedrijven en partners die in deze projecten meewerken.

 

Impactanalyse

Onlangs heeft Green PAC een impactanalyse laten maken door adviesbureau Berenschot. Voncken: “Uit de impactanalyse van Berenschot blijkt dat we het heel goed doen in de regio. Zo hebben we in de afgelopen vijf jaar 10 miljoen euro omzet gecreëerd met nieuwe werkgelegenheid binnen de iLab bedrijven. Hebben onze onderzoeksprojecten gezorgd voor omzetgroei bij de samenwerkende bedrijven. Én hebben we met diezelfde onderzoeksprojecten een stijging van 213 fte directe werkgelegenheid gerealiseerd en nog eens 239 fte indirect. Resultaat een regionale impact van 45,7 miljoen euro! Een prachtig resultaat waar we trots op zijn.”

 

Categories: News

Cumapol bouwt pilotfabriek voor chemische PET-recycling

Dankzij het statiegeldsysteem zijn PET-flessen in iedere Nederlandse supermarkt in te leveren. Het zorgt voor een schone stroom aan recyclebaar plastic. Daar kunnen weer nieuwe PET-korrels van worden gemaakt door het ingezamelde materiaal te wassen, te snijden en om te smelten, door middel van extrusie, gevolgd door nacondensatie om de viscositeit weer op niveau te brengen. Er is één groot nadeel: de flessen moeten vooraf op kleur worden gesorteerd, want de kleur kan niet verwijderd worden.

 

Alleen chemisch recyclen kan van polyester-afval weer compleet nieuw, kleurloos PET maken, met andere, mogelijk betere eigenschappen dan het origineel. Cumapol in Emmen ontwikkelde daarvoor een proces en start binnenkort met de bouw van een pilotfabriek. Marco Brons, technisch directeur van Cumapol, legt uit hoe het werkt: ‘De productie van polyester is een evenwichtsreactie. Als je er een grote hoeveelheid van een van de monomeren aan toevoegt, namelijk glycol, wordt het evenwicht verstoord en het polymeer afgebroken. Het resultaat van deze depolymerisatie is een vloeistof met een zo lage viscositeit, dat deze goed is te zuiveren. Op deze manier halen we onder meer de kleur eruit. De grondstoffen (monomeren) worden gereinigd en weer in een polymerisatieproces ingezet, om zuiver PET te produceren. De overtollige glycol wordt teruggewonnen en kan opnieuw worden gebruikt.’

 

Voor het chemisch recyclen van PET werkt Cumapol samen met de kennisinstellingen Hogeschool Windesheim, NHL Stenden, verenigd in Green PAC en Rijksuniversiteit Groningen.

 

 

Haalbaarheid
Op zich zijn de processtappen voor chemisch recyclen niet nieuw. In het verleden waren echter onvoldoende grondstofstromen beschikbaar om het proces op industriële schaal te kunnen uitvoeren. ‘En dat is precies wat Cumapol wil gaan doen: eerst bewijzen dat het technisch kan in de te bouwen pilotfabriek, zodat we weten hoe we de bestaande fabriek moeten ombouwen, waar we 25 kton per jaar gaan produceren in een volcontinu proces. Dat maakt het economisch haalbaar. We kunnen dit doen doordat er steeds meer polyester wordt ingezameld.’

Statiegeld PET-flessen waren er natuurlijk al langere tijd, maar dankzij initiatieven als ‘Plastic Heroes’ komt er ook steeds meer ander plastic op de recyclingmarkt, zoals vleesschaaltjes, voedselverpakkingen en synthetisch textiel. ‘Daar komen steeds grotere polyesterstromen uit, die vanwege de voedselwetgeving echter niet zonder meer mechanisch mogen worden gerecycled. Chemisch recyclen is echter wel toegestaan.’

 

Minder kritisch
Zuiverheid van de grondstoffen is bij chemisch recyclen ook niet zo’n probleem; het proces is minder kritisch en de wetgeving minder streng. ‘Het materiaal moet vooraf wel goed gewassen worden en ontdaan worden van zand en organisch vuil. De aanwezigheid van een klein beetje ander polymeer dan PET is geen probleem, dat halen we er in het proces wel uit. Dat zou bij mechanisch recyclen onmogelijk zijn, omdat de polymeren gewoon door elkaar heen worden gesmolten.’

Toch is chemisch recyclen vooralsnog duur. Het zal mechanische recycling niet op grote schaal vervangen. Brons: ‘Dat hoeft ook niet, als de kwaliteit van de grondstofstromen constant is en de vervuiling minimaal, dankzij een goed recyclingsysteem zoals dat met statiegeldflessen blijft mechanische recycling de perfecte oplossing.’

Een heel ander verhaal wordt het, als de kleur van het eindproduct wel belangrijk wordt voor de bruikbaarheid. Bijvoorbeeld bij tapijt. Cumapol werkt bijvoorbeeld samen met DSM Niaga aan een project voor de productie van 100% polyester tapijt, waarin geen andere additieven of lijmstoffen zijn verwerkt. Puur gezien de samenstelling zou mechanische recycling mogelijk moeten zijn, maar de resulterende zwarte korrel heeft beperkte toepassingsmogelijkheden. ‘Hoogstens de automotive industrie zal daarin geïnteresseerd zijn’, aldus Brons.

 

Samenwerking
Om het eindresultaat van het chemische recyclen zo duurzaam mogelijk te maken, wil Cumapol voor het proces bioglycol inzetten. Daarover wordt bijvoorbeeld overleg gepleegd met Avantium in Delfzijl. Dat bedrijf werkt momenteel samen met partners AkzoNobel, Chemport Europe, RWE en Staatsbosbeheer aan de bouw van een bioraffinaderij die reststromen uit Nederlandse bossen (tweede generatie biomassa) op een kosteneffectieve manier omzet in zuivere glucose, lignine en een gemengde suikerstroop. Daarmee worden nieuwe typen chemicaliën ontwikkeld. ‘Wij evalueren hun producten en zij bekijken hoe ze met biobased monomeren kunnen inspelen op onze behoefte om polyesterspecialiteiten te produceren. Zo houden we de bestaande grondstofstromen intact en kunnen we tekorten aanvullen met biobased materiaal. Dat is volgens ons pas echt duurzaam.’

Verder werkt Cumapol in de recycling ook samen met andere bedrijven uit het Chemport Europe gebied, zoals BioBTX in Groningen, dat biobased tereftaalzuur produceert en Morssinkhof in Emmen, dat de techniek in huis heeft om polyesterafvalstromen te wassen en te snijden, zodat het geschikt is voor chemische recycling. ‘Chemport Europe vormt de verbindende factor’, zegt Marco Brons. ‘Daardoor kennen we elkaar, vertrouwen we elkaar en weten we wat elkaars sterke punten zijn.’

 

Scource: Agro&Chemie

Categories: News

Collegetour Plastic voor Dummies

Op donderdag 16 april vond de collegetour plastic voor Dummies plaats. De tour was een samenwerking van NHL Stenden met Green PAC en Drenthe College met DC Tech. Voor de tour waren verschillende stakeholders van beide scholen en hun initiatieven uitgenodigd.

 

De schoolbanken in
De tour startte met een college dat werd gegeven door NHL Stenden lector duurzame kunststoffen Jan Jager. In zijn college nam hij de deelnemers mee in de wereld van de plastics en verhelderde dat er al veel innovatie plaats vindt in de transitie naar bioplastics. Wel schetste hij een beeld waarin duidelijk werd dat we nog maar aan het begin staan van deze omslag. De wereld heeft nog een behoorlijke opgave om al het plastic op een andere manier te gaan produceren.

 

Kunststoflab en fabriekshal DC Tech
Het college werd opgevolgd door lunch en rondleiding langs het Kunststoffenlab van NHL Stenden en de grote fabriekshal van DC Tech. Hier werd ook stilgestaan bij de samenwerking die beide scholen steeds intensiever voeren. Het was dan ook prachtig om te zien dat het HBO (NHL Stenden/Green PAC) en het MBO (Drenthe College/DC Tech) inmiddels verschillende projecten samen oppakken. Henk Lukken, programmamanager van DC Tech benadrukte dit dan ook tijdens de rondleiding in de hal van DC Tech.

 

De medewerker van de toekomst
Voor de collegetour waren een aantal belangrijke stakeholders van beide scholen uitgenodigd. Denk daarbij aan de provincie Drenthe, gemeente Emmen en een aantal betrokken bedrijven. De collegetour gaf hen een heldere kijk op het werk dat NHL Stenden en Drenthe College momenteel doen in Drenthe en hoe ze bijdragen aan het op peil houden van een gezonde arbeidsethos voor de regio. Vandaar ook dat tijdens de tour meerdere malen werd benadrukt dat de samenwerking met bedrijven uit de regio de sleutel is tot het succes voor het goed kunnen opleiden van de medewerkers van de toekomst.

Categories: News

Chemport Europe plays an important role in achieving Paris climate goals

Recently the Dutch Chemical Industry Association (VNCI) presented the report 'Chemistry for Climate - Acting on the need for speed'. This roadmap answers the question of how the Dutch chemical industry can contribute to reducing greenhouse gas emissions by 80-95% by 2050. According to the roadmap, the sector will not only have to focus on the short term, but the long term is important. For example, investments must already be fully made in the development of technologies that are not yet profitable, but that are necessary to achieve this goal. Chemport Europe, with the Chemport Emmen and -Delfzijl clusters, sees an important role in this.

 

As stated in the VNCI roadmap, it is technically possible to reduce emissions by 80-95% by 2050. The real challenge lies in the finances, organization and cooperation to achieve this goal. The clusters, Chemport Emmen and -Delfzijl offer opportunities. In both clusters we are already working hard on the development of concrete plans.

 

Chemport Europe: Changing the nature of Chemistry

Since 2017, Chemport Europe has been launched as a recognizable vignette for the northern chemical industry. With this vignette the Northern Netherlands makes a first step in the visibility and recognisability as an important chemical cluster for the Netherlands and beyond. It is precisely through the pooling of the forces of Emmen and Delfzijl that the north occupies a strong position on the national, European and global playing field. Moreover, it offers the opportunity to promote cooperation between Emmen and Delfzijl and to jointly invest in the development of an economically healthy region.

 

Chemport Delfzijl

The ambitions for Chemport Delfzijl are high. For example, there is an ambition to become the greenest port in Europe. To do that, it is necessary that the current economic system in the area be tackled rigorously. Therefore, an industry agenda has been created by the various parties in the area. In addition, Groningen Seaports recently started project ZERO. Together with companies, authorities and NGO’s in the area, we look at how Chemport Delfzijl can contribute to achieving the Paris CO2 target. The next step is an implementation strategy that enables Chemport Delfzijl to work on the transition to 80-95% less emissions. The focus is on different tracks: chain efficiency, greening of raw materials, electrification and innovative energy solutions, including hydrogen.

 

Chemport Emmen

The ambitions for Chemport Emmen are also high. The region wants to become an important player in Europe where it concerns the production of renewed green plastic products and semi-finished products. From unlimited reusable bottle to 100% recyclable carpet. Here too, much has to be done if the region wants to contribute to achieving the desired CO2 reduction. Especially with the idea that the demand for plastics will only increase further in the coming years. In short, a double challenge. On the one hand, the demand from industry in this cluster is rising to fossil raw materials, and on the other hand, new ways of production must be sought. Current processes will in many cases not be suitable for the switch to the use of sustainable raw materials. For the regional industry this means, in addition to looking for new ways to keep producing, investing in production methods that are less damaging to the environment and the climate. The region is certainly aware of this, and entrepreneurs, knowledge institutions and governments are working together intensively to make the turnaround. And with success. For example, the Emmtec Industry & Business Park in Emmen has been declared the center for innovation in chemistry, companies have joined forces within the SUSPACC (Sustainable Product and Chemicals Cluster) business network, entrepreneurs work together with regional knowledge institutes on applied research (HBO) within the Green PAC initiative and the growth of human capital secured within DC Tech (MBO), the sustainable center for green chemistry.

 

In short, the bundling of forces in the north under the flag of Chemport Europe strengthens the clusters Emmen and Delfzijl and creates a northern fist that is in line with the goals and ambitions from the Roadmap and the Paris agreement.

 

Categories: News

Chemport Emmen affiliated with Federation Bioeconomics Netherlands

Chemport Emmen recently joined the Federation Bio-Economy Netherlands. This organization unites several sectors within the bio-economy: from agriculture and forestry, the marine sector, food, paper and energy to chemistry and materials. The purpose of the federation is to accelerate the transition to a bio-economy.

 

The federation was founded by Roel Bol, founder and former director of the Biobased Economy program management at the Dutch government, and Dorette Corbey, former chairman of the Biomass Sustainability Issues Committee (Corbey Committee). With the foundation, the founders want to make an important contribution to the transition to a low carbon bio-economy.

 

To achieve this, the federation is committed to creating a better investment climate for a sustainable bio-economy. The federation provides solicited and unsolicited advice to the government, organizes meetings on current themes, brings together companies and knowledge institutions from different sectors, bundles and disseminates knowledge, increases social trust in the bio-economy and contributes to them, to create the right conditions to develop markets for biobased products.

 

More information about the federation can be found on the website www.bio-economie.nl

Categories: News

Cumapol from Emmen wins national innovation award

Every day, thousands of products are made from rubber and plastics, from car tires to sailing ships. A world without is inconceivable. Because companies in the rubber and plastics sector offer a wide variety of components, modules and end products that are indispensable for applications in industry and trade, construction, packaging industry and consumer products. The Dutch Rubber and Plastics Industry Federation (NRK ) represents the interests of some 450 companies clustered in 19 trade associations. They work towards a healthy climate for the manufacturing industry and stimulate competitiveness, innovation and knowledge transfer, training and professional training, a better environment and recycling. The members undertake sustainably with an eye for people, planet, profit and polymers.

 

A new view on plastic
In January 2017 Rethink was launched. With this new view on plastic and rubber, the Dutch plastics and rubber industry is setting a clear picture of the industry and the active role it plays in the Netherlands and the sustainability of our society. In Rethink, NRK, PlasticsEurope Netherlands and the member companies in the sector gather together. Members make special and valuable products and see it as their task to do so in a sustainable and efficient manner. One of the ways to show this is the 'NRK Sustainable Products Innovation Award' which was presented on March 7 during the evening of the Manufacturing Industry. Awards could be won in the following categories: Consumer Product, B2B and Construction & Infrastructure. An expert jury assessed the nominees on the basis of the four phases of the product (raw materials, production, use, reuse / recycling). Cumapol and Niaga won the Award in the B2B category with their Circular rPET carpet (watch video).

 

Collaboration between Cumapol and Niaga
DSM-Niaga (a mirror word for Again) developed a carpet tile that is made according to a whole new method. The new carpet consists of only Polyester, all layers, the carpet backing, the glue and the top, are made of this material. This means that the carpet can be recycled as mono material. The raw material for the carpet can be made from post consumer PET bottles, but the carpet itself can also be recycled into a valuable raw material for new carpet. Cumapol researched recyclability, further developed and recycled polyester granules during the cooperation with Niaga. From PET bottle to carpet and carpet back to carpet. It is an innovative way of recycling, because the entire used carpet or carpet tile can now be reused.

 

Cumapol can mechanically recycle flakes from PET bottles into Custom Made Polyesters. Using mechanical recycling, the carpet can also be recycled for black applications (underlay and for example car carpet). DSM-Niaga and Cumapol have recently been working together on the development of a chemical recycling process that enables the decolourisation of waste materials, including carpet. The ultimate goal is clear: a closed chain of Polyester carpet that can be recycled time and time again. Niels Hoffard, R & D Manager says: "This Award is a huge boost and shows that Cumapol is on the right track to get the Polyester chain completely circular."

Categories: News
en_USEnglish
nl_NLDutch en_USEnglish